On heeft voor de jonge jongen (de
tweede van de kinderen) de voornaam van Napoléon, zeer weinig
verbreid in Corsica gekozen. Zal napoléon wordt hard door zijn
moeder, "aan Corsica" opgeheven, zeggen; zij gaat hem niets
voorbij. Ondanks dat, houdt Napoléon van het tendrement.
Eromheen van zijn wieg, vervolgens om zijn eerste stappen te
leiden, is hij vrouwelijke silhouetten, onder andere zijn grote
moeder, Maria Saveria Bonaparte, zeer toegeeflijk, zeer vroom omgeven,
die van het veel houdt. Dobbelstenen tonen zijn jongste
leeftijd, Napoléon een moeilijk karakter, vrijwilliger, soms
onbuigzaam. Hij wordt door het militaire beroep aangetrokken en
wil bezitten wat de soldaten hebben die hij voor hem aan Ajaccio ziet
voorbijtrekken: hoed en plumet, epauletten, sabre, geweer,
bajonet.
Le daar is aan de school, die door
religieus wordt gehouden. Hij zich er toont ijverig, van het
werk houdt, vooral de berekening die. Men surnomme het "de
Mathematicus". Aan de school van de Jesuïeten, gaat door hij
en, aan acht jaar, heeft hij zo'n hartstocht voor de wiskunde die men
hem bouwt op de achterkant van het huis, een klein lokaal in planken,
waar hij zich kan isoleren om te werken. Aan de koers die door
de Abt Recco wordt gehouden, worden de leerlingen in Romeinen en in
Carthaginois, in schroeven aan schroeven enen van de anderen verdeeld
en geplaatst om de energiebronnen te stimuleren. Napoléon,
dépité om onder Carthaginois geplaatst te worden, verkrijgt, aan
kracht van instanties, om onder de Romeinen geplaatst te worden, de
overwinnaars.
En 1778, plaatst Charles Bonaparte
aan het college van Autun, gehouden door séculiers priesters, Joseph,
bestemd voor het priesterschap, en Napoléon die een militaire
loopbaan zal doen. De jonge jongen is nadenkend en zeer
prikkelbaar er, in het bijzonder over het onderwerp van zijn klein
Vaderland.